Seizoensgedicht - Bladerbeer

Ga naar de inhoud

Seizoensgedicht

Seizoensgedicht
Zomergedicht 2021
Achter in onze tuin staat een Corsicaanse den met diepe groeven in de stam. Door een van de groeven klimmen mieren omhoog; andere zijn op weg naar beneden. Ze bewegen onafgebroken in een kronkelige lijn op hun vaste traject en passeren elkaar. Aan de voet van de boom steken ze het pad van de egel over. En dan ineens zijn ze verdwenen.
In het zomergedicht komen mieren het huis binnen. Ze gaan van kamer naar kamer, en ineens zijn ze weg. De dichter oppert een paar mogelijkheden om dat abrupte einde van de route te verklaren en komt uit bij de vraag die me verrast.
Ik word vrolijk van dit gedicht. En ik krijg zin er zelf ook zo een te schrijven.

‘De mierenroute’ is opgenomen in de bloemlezing die hoort bij de 36ste festivaleditie van Poetry International (in 2005). Het gedicht werd toen voor het eerst gepubliceerd.
Constantin Abăluţă is geboren in 1938 in Roemenië, in Boekarest. Hij werkte als architect. Maar literatuur was zijn passie, en op zijn 31e besloot hij zich helemaal aan het schrijven te wijden. Er verschenen van hem meer dan 25 poëziebundels. Hij schreef ook proza, teksten voor toneel, en radiospelen. Daarnaast vertaalde hij werk van o.a. Dylan Thomas en Samuel Beckett. Hij kreeg in Roemenië veel waardering voor zijn publicaties en won meerdere literaire prijzen.
DRUMUL FURNICILOR

Prin casa mătuşii mele trece drumul furnicilor,
drumul acesta străvechi atestat în cronicile orientului.
Furnicile urcă din grădina vecinei pe-o crăpătură a zidului.
În baie valsează pe carelajul alb şi albastru.
Traversează coşul de rufe, peretele, şi-odată în sufragerie
mărşăluiesc pe rama aurită a oglinzii rotunde
în sensul àcelor, preţ de trei rotiri.
Apoi dispar.
Poate c-o apucă pe-un traseu de rezervă.
Ori poate că pur şi simplu drumul se încheie aici.
Oare cronicile orientului să-şi fi ales ca deltă
oglinda mătuşii mele?
Hier hoor je Abăluţă zijn gedicht voorlezen.
Bron: website Poetry International Archives
DE MIERENROUTE

Door het huis van mijn tante loopt de mierenroute,
de eeuwenoude route waarover de oosterse kronieken het hebben.
De mieren klimmen uit de tuin van de buurvrouw langs een barst in de muur.
In de badkamer walsen ze over de witte en blauwe tegels.
Ze trekken door de wasmand, de wand, en aangekomen in de eetkamer
houden ze met de klok mee drie paraderondjes
op de vergulde rand van de ronde spiegel.
Daarna verdwijnen ze.
Misschien nemen ze een vluchtweg.
Of misschien houdt hun route hier gewoon op.
Of zou de delta uit de oosterse kronieken niets anders zijn
dan de spiegel van mijn tante?

Constantin Abăluţă
Vertaald door Jan H. Mysjkin
telefoon: 0318-769318 of 06-48099028
Terug naar de inhoud